donderdag 16 juli 2009

Oogsten uit de stad

Westlandse tomaten worden geëxporteerd naar alle uithoeken van de wereld, terwijl de tomaten in onze Haagse supermarkten uit Spanje gehaald worden. Garnalen uit de Noordzee worden eerst naar Polen gestuurd om te pellen, waarna ze weer in onze winkels terecht komen. De ingrediënten van een bord avondeten hebben vaak tienduizenden kilometers afgelegd.

In sommige gevallen kan het niet anders dat voedingsmiddelen een grote afstand afleggen, maar er gaat toch weinig boven een zelfgeplukte appel van eigen appelboom of verse kruiden uit de achtertuin. Plukken, verzamelen en misschien ook 'jagen' in je eigen omgeving roept een oerinstinct in je op, dat een geweldig tevreden gevoel geeft. Het appelleert aan de rijkdom van de Hof van Eden, maar dan in miniformaat. Misschien dat daarom tuincentra de laatste jaren weer volop groenten en kruiden te koop aanbieden om je eigen tuintje of balkon om te toveren tot een plek waar volop geoogst kan worden.

Nu is de beschikbare grond in de stad niet groot genoeg om alle stadsbewoners te voeden, maar met enige inventiviteit kom je wel een heel eind. Wat ideeën:
  • Iedere stad kent kale, ongebruikte terreinen, waar in de toekomst een nieuw gebouw zal verrijzen. Strooi op deze veldjes zaadjes voor veldbloemen. De bloemen van een klaproos, de verse jonge blaadjes van een madeliefje en de bloemknopjes van het madeliefje kun je verwrken in een salade. De bladeren van de paardenbloem zijn te gebruiken als groente, in sauzen en soepen. Het blad van Rode Klaver is rauw te verwerken in salades en gekookt als groente.
  • Ga groenten en vruchten oogsten in het buurtplantsoen, bijvoorbeeld rozebottels en vlierbessen.
  • Pluk bladeren van je tuinplanten en verwerk die in gerechten. Er is meer mogelijk dan je denkt. De bladeren van de druivenplant zijn bijvoorbeeld te gebruiken voor het maken van gevulde wijnbladeren . Het recept voor Turkse dolmades vind je hier.
Verder lezen:
Voedsel uit de stad
De recepten van Wildplukker

donderdag 9 juli 2009

Koken is goed voor creativiteit


Koken is goed voor het stimuleren van de creativiteit. Om meer redenen dan je denkt.
  • Al kokend combineer je allerlei ingrediënten, totdat er nieuwe smaakvolle combinaties ontstaan. Maar ook als je je eigen draai geeft aan bestaande recepten, ben je creatief bezig. Koken is bij uitstek een combinatie van uitproberen, proeven, toevoegen, aanlengen, roeren, aanpassen en vernieuwen.
  • Het hak- en snijwerk is een uitstekend middel om je hoofd leeg te maken. Dan borrelen er vanzelf nieuwe gedachten op. Ook de geur van verse kruiden en andere ingrediënten werkt meditatief.
  • Koken is eveneens goed om je zintuigen aan het werk te zetten. Wat proef ik nu precies? Wat vind ik nu eigenlijk? Koken is een zinnelijk proces, vindt acteur/regissseur Titus Muizelaar, vorig jaar in de rubriek over troosteten in NRC Handelsblad. "Een saus maken is als de repetitieperiode van een toneelstuk. Je begint met een grote pan bouillon, dan is het een kwestie van inkoken, alle overbodige poespas weglaten, concentreren. Proeven, iets meer wijn, net iets meer peper. En zo probeer je langzaam tot een kern te komen. Tot de kern van een gevoel."
  • Als je naast elkaar staat te snijden en te koken, raak je gemakkelijk met elkaar in gesprek, zonder dat je elkaar hoeft aan te kijken. Op deze manier kun je op een rustige manier met elkaar praten (als je niet iets op het vuur hebt staan dat de aandacht vergt, natuurlijk!), waardoor allerlei nieuwe gedachten en ideeën ontstaan.
  • Door het eten van gekke combinaties, voel je je gelukkiger en geïnspireerder. Dat zegt Rob Eastaway, schrijver van Creatief denken, 101 manieren om denkpatronen te doorbreken. Dus probeer gerust speklapjes met drop uit of bereid eens zuurkool met caramelsaus. Tip: inspiratie nodig voor spannende en toch smakelijke combinaties? Klik op de site van foodpairing.
  • Alles wat nieuw is, prikkelt het brein tot het maken van nieuwe verbindingen. En dat levert weer de afscheiding van stofjes in de hersenen op, die ons geluksgevoel verhogen. Nieuwe ervaringen verbreden bovendien onze blik op de wereld en stimuleren onze creativiteit. Vooral nieuwe kookexperimenten uitvoeren dus! Tip: neem een abonnement op biologische groenten. Met de raapsteeltjes, snijbonen en knolselderij in het wekelijkse pakket word je vanzelf uitgedaagd om creatief te zijn.
Verder lezen:

Share/Save/Bookmark

donderdag 11 juni 2009

Overvloed in de keuken

Juni is overvloed: rozen in de tuin, aardbeien, asperges en tomaten in de keuken. Samen met Niels struinde ik gisteren de slager, kaaswinkel, bloemenwinkel en supermarkt af.

Wat zullen we kiezen: watermeloen of galiameloen? Weet je wat, we doen allebei. Er stonden allerlei Italiaanse gerechten op ons programma, omdat die gerechten de ultieme zomerkeuken symboliseren. Met bruschetta, olijven, gemarineerde asperges en andere antipasti. Kalfsschnitzels afgeblust met marsala, gepofte aardappels en gevulde tomaten uit de oven.

Er meldden zich in de loop van de middag nóg vier gasten voor het zomerdiner van gisteravond. Samen met de kinderen wandelde ik weer terug naar de slager voor extra kalfsschnitzeltjes. De verkoopster snapte er niets van vroeg wat wij er allemaal mee van plan waren.

Het ultieme sluitstuk van het zomerdiner was een trifle met aardbeien, meringues en limoncello. Sneeuwwitte room met vlokken van aardbeien en frambozen. Hij smaakte geweldig. Van mij mag het altijd juni blijven.


Trifle met room, aardbeien en limoncello (8 personen)

Ingrediënten:

een halve liter slagroom
500 gram volle kwark (of Griekse yoghurt)
suiker naar smaak
750 gram aardbeien
150 gram frambozen
250 gram meringues (eiwitschuimpjes)
een scheut limoncello (Italiaanse citroenlikeur)
5 kleine cakes


Zo maak je het:

Klop de slagroom met suiker naar smaak. Meng hier de kwark doorheen. Maak de aardbeien schoon en snijd ze in stukjes. Doe hetzelfde met de frambozen. Leg op de bodem van een grote glazen schaal de cakes. Schenk hier een scheut limoncello overheen. Schep hierop de helft van het roomkwarkmengsel. Daarop komen de aardbeien. Kruimel hierover een laag meringues heen. Sluit af met de rest van het roomkwarkmengsel en de frambozen.

maandag 25 mei 2009

Lokaaleters

Word je blij van gerechten met louter lokale gerechten? Of is het juist wel erg beperkend?

Om darmkanker te voorkomen, mogen we niet meer dan 500 gram rood vlees per week eten. Twee keer per week dient er vis op tafel te komen voor de benodigde goede vetten (maar dan wel vissen die door Greenpeace en het Wereld Natuur Fonds goedgekeurd zijn). En we moeten voldoende kleurrijke groente en fruit naar binnen werken, bij voorkeur van biologische afkomst. Over suikers, onverzadigde vetten, ongewenste chemische toevoegingen hebben we dan nog niet eens gesproken. Pfffff, zo wordt de juiste menukeuze een heel puzzelwerk.

Wat de locavoren - in de VS recent uitgeroepen tot woord van het jaar - betreft, komt daar nog een eis bij: het voedsel moet uit de directe omgeving komen. Locavoren vormen in Amerika een beweging van bewuste consumenten, die alleen voedsel eten dat binnen een straal van 100 mijl van hun woning geteeld en geproduceerd is. Gemiddeld legt een voedingsmiddel 1500 mijl af voordat het op je bord belandt. Garnalen schijnen zelfs 4500 kilometer af te leggen tussen Nederland en Marokko en terug om gepeld te worden. Die transportgekte kost enorm veel vervuiling, uitstoot van broeikassen, etcetera. Door weer te eten wat er in je directe omgeving geteeld wordt, hopen ze daar wat aan te doen.

Het schijnen hele blije mensen te zijn, die locavoren. Ze genieten van het bezoeken van boerenmarkten, het zelf kweken van groenten en kruiden, de herontdekking van de seizoenen en het gezonde gevoel. In totaal zijn er wel dertien redenen om gelukkig te worden van een lokaal dieet!

Waarschijnlijk worden ze ook heel blij van bedenken van creatieve gerechten met louter lokale ingrediënten. Dat moet ook wel, want voor de fundi's onder de locavoren was het zeker in de begintijd behoorlijk doorbijten. De pioniers aten voornamelijk aardappelen. Binnen 100 mijl was geen graan te vinden, dus verschenen er ook geen brood, pastagerechten en cornflakes op hun menu. Koffie, thee, chocolade en veel specerijen konden zij helemaal op hun buik schrijven.

Hoeveel lol heb je nog in eten als je jezelf zoveel beperkingen oplegt? Het lijkt me dat het plezier in eten minstens zo belangrijk is voor je gezondheid!

zondag 17 mei 2009

Geen kookboek, maar proeven, ruiken en kijken

In deze zeer elementaire keuken kookt deze Berberse vrouw haar maaltijden.

De tajineschotels en de pastei met kip en amandelen uit Marokko hebben een onvergetelijke indruk op ons gemaakt. De koks weten gerechten met ongelooflijk verfijnde geuren en smaken te bereiden en dat alles met zeer eenvoudig kookgerei en geen enkel voorbewerkt product. Overal staan tajineschotels te pruttelen en zie je hoe mensen deeg bereiden of gehakt draaien.

Na ons bezoek aan Marrakech is het gemakkelijk voorstelbaar dat eten een centrale plaats in de Marokkaanse cultuur inneemt. Tijdens de maaltijd wordt zelfs niet gesproken; dat verdraagt zich niet met het nuttigen van het voedsel.

Voor een Marokkaanse vrouw vormen haar kookkunsten een esentieel verleidingsmiddel. Dat ze goed kan koken is bijna net zo belangrijk als schoonheid of morele kwaliteiten. Volgens een Marokkaans spreekwoord is een vrouw haar leven lang op zoek naar de geur van haar vader en zoekt een man zijn leven lang de keuken van zijn moeder.

Veel vrouwen kunnen van oudsher niet lezen en schrijven. Dat betekent dat Marokko bijna geen kookboeken kent. Bijna alle recepten worden mondeling doorgegeven van moeder op dochter. De bereidingstijd en de ingrediënten komen daarmee grotendeels aan op intuïtie. Deze mondelinge overlevering is daardoor veel meer gebaseerd op de smaak, de tast, de reuk en het zicht en veel minder op woorden. Een kokkin kan proeven of een tajine goed op smaak is en hoeft dat verder niet te omschrijven. Wanneer een moeder haar dochter een bepaalde bereidingswijze voordoet, hoeft ze die niet uit te leggen.

In Marrakech kregen we een verrukkelijk komkommerdrankje voorgeschoteld. Het was fris, zoetig en smeuiig en toch was de komkommersmaak er eveneens goed in te herkennen. Het recept kan ik niet terugvinden in mijn kookboek of op internet. Dat wordt nog een hele uitdaging om het met de opgedane zintuigelijke informatie na te maken.

zondag 26 april 2009

Stadskruiden

De keukendeur staat open. Twee koolmeesjes duiken haastig weg tussen de takken, als ik naar buiten loop. De artisjokplant is alweer gegroeid vandaag. Met de keukenschaar knip ik peterselie en bieslook voor de salade. Van de rozemarijn en het thijmplantje pluk ik ook wat takjes voor de aardappeltjes uit de oven

Mijn droomtuin is geen droom meer, maar werkelijkheid geworden. Onze stadstuin heeft weliswaar een bescheiden formaat, maar overal staan kruiden en andere eetbare planten te groeien. In de achtertuin groeien dille, aardbeien, een vijg en hop. In de voortuin, waar het veel zonniger is, staan diverse soorten thijm, hyssop, venkel, salie en lavendel. Mijn grote trots is een olijfboompje, dat gewoon in de volle grond al enkele winters overleefd heeft. En dan staat er nog een mini-laurierboompje in de vensterbank, broederlijk naast de basilicum.

Alleen met de groenten uit eigen tuin wil het helaas nog niet zo vlotten. De slakken vinden de slaplantjes al net zo lekker als wij. De bramenstruik kwijnde weg in de achtertuin, terwijl de tomatenplanten tijdens onze vakantie verdroogden. De afgelopen jaren hebben we geprobeerd het balkon als groentetuin in gebruik te nemen, maar ook daar groeiden de plantjes niet zo best. Jammer dat we geen plat dak hebben. Lijkt me een ideale plek voor een minigroentekasje.

Tip: Groenten en vruchten eten uit de stad! Lees de belevenissen van wildplukker.

vrijdag 24 april 2009

Supersnelle trifle


Al eerder schreef ik het: trifle behoort tot mijn favoriete nagerechten. Het blijkt zelfs nog erger te zijn dan ik dacht. In mijn kookschriftje, waarin ik noteer wat ik voor vrienden en familie gekookt heb, blijkt trifle verreweg het meest gemaakte nagerecht. Het toetje is dus niet echt een verrassing als je bij ons komt eten. Gelukkig valt er met trifle wel heel veel te variëren. En ik ben bepaald niet de enige triflefan. Kijk maar eens op de trifle-files!

Supersnelle trifle (voor 8 personen)

Ingrediënten:
  • 1 doosje schoongemaakte aardbeien
  • 1 doos frambozen (vers of diepvries)
  • enkele plakjes cake of een variatie daarop (eierkoeken bijvoorbeeld, maar Italiaanse pannetone is ook heel lekker, ontdekte ik laatst)
  • een scheut frambozenlimonadesiroop als er kinderen mee-eten, een scheutje fraise du bois (aardbeienlikeur) voor een volwassenen-versie
  • 2 pakken vanillekwark
  • eventueel: slagroom
Bereiding:

Pak een grote glazen schaal, zodat de laagjes zichtbaar blijven. Leg op de bodem de cake of de eierkoeken en besprenkel deze met siroop of likeur. Leg hierop een deel van de vruchten. Schep een flinke laag vanillekwark hier bovenop. Daarna weer een laagje cake, vruchten, vanillekwark en indien gewenst een laagje slagroom. Sluit af met de frambozen op de top van het gerecht.