woensdag 9 september 2009

De heimweekeuken: omi's soep

Ieder weekeinde kook ik soep. Meestal is het bouillonsoep, die ik op dezelfde manier maak als mijn moeder iedere zaterdagochtend heeft gedaan.

Blokjes rundvlees in de pan, wachten totdat het schuim boven komt drijven en dan met de schuimspaan de bruine laag eraf scheppen. En vooral altijd zorgen dat je de eerste minuten in de directe nabijheid van de pan blijft, want voor je het weet stulpt het schuim over de rand van de pan. Mijn moeder had na al die jaren zoveel ervaring dat het haar nauwelijks meer overkwam, maar ikzelf laat me nog regelmatig verrassen.

We zijn allemaal grote liefhebbers van deze soep, dus dat alleen al is reden om dit gezinsritueel tot in lengte van jaren voort te zetten. Na haar overlijden heb ik ook nog de schuimspaan geërfd, háár schuimspaan, waarmee ze bijna veertig jaar lang bouillonsoep heeft gemaakt.

Het ritueel verbindt ons als gezinsleden, maar trekt ook de lijn van onze familiegeschiedenis door. Hopelijk zorgt het bij onze kinderen voor net zulke warme jeugdherinneringen als die soep het voor mij heeft gedaan.

Groentebouillonsoep

Ingrediënten:
  • 150 gram runderpoulet
  • 1, 5 liter water
  • 3 runderbouillonblokjes
  • 2 handjes vermicelli
  • 1 pakket soepgroente

Bereiding:
Zet het vlees op in koud water en breng het aan de kook. Als het begint te koken met de schuimspaan het schuim eraf scheppen. De bouillonblokjes toevoegen en 2 uur op een laag pitje laten koken. Vermicelli en soepgroente toevoegen en nog 10 minuten laten doorkoken.

Andere afleveringen uit deze serie De Heimweekeuken:
Worstenbroodjes
Pompoensoep
Lasagna

dinsdag 8 september 2009

Appelbroccolisoep


Wat doe je met een grote oogst versgeplukte appels? Sinds wij dit recept kennen, vinden wij het antwoord niet moeilijk meer.

Sinds enkele jaren zijn onze kinderen adoptie-boombezitters van een biologische Elstar appelboom op landgoed de Olmenhorst in Haarlemmermeer. Iedere septembermaand ontvangen ze een uitnodiging om te komen plukken. En dat is altijd een groot feest: met een twee flink gevulde shoppers en een heel voldaan gevoel keren we huiswaarts. Ieder jaar spreken we weer onze verwondering uit hoe één boompje met een vuistdikke stam dat anderhalf keer zo hoog is als wij zoveel vruchten kan dragen.

Thuis zitten we vervolgens opgescheept met een enorme hoeveelheid appels. We hebben uiteraard de plukinstructies nauwkeurig opgevolgd. Hoe minder beurse plekken, hoe langer onze oogst houdbaar is. Maar uit ervaring weten we ook dat na anderhalve maand toch menige appel inzakkingsverschijnselen vertoont.

We zetten dus vaart achter het consumeren van deze verrukkelijke sappige voorraad appels. Dat betekent appelmoes, appeltaart en appelcrumble maken. We geven appels weg aan familieleden en kennissen. Maar dan nog blijft er een aanzienlijke hoeveelheid vruchten over.
Dit jaar hebben we de oplossing ontdekt: appelbroccolisoep. Deze ingrediënten klinken samen als een onlogisch duo, maar de broccoli combineert verrukkelijk met de friszoete appelsmaak.
De broccoli en de ui komen van onze plaatselijke bioboer, de kruiden uit eigen tuin. Een echt recept voor lokaaleters dus.


Appelbroccolisoep

Ingrediënten:
  • 3 stuks appel (Elstar)
  • 1 stronkje broccoli
  • 1,25 liter bouillon (getrokken van kruiden uit eigen tuin)
  • 1 ui
  • klontje margarine
  • 1 klein bekertje crème fraiche
  • el peterselie
Bereiding:

Snijd de ui in snippers, maak kleine stukjes broccoli en snijd de appels in kleine stukjes. Smelt margarine en fruit de uisnippers glazig. Voeg de bouillon toe en de stukjes broccoli. Laat de broccoli gaar koken. Bak ondertussen de stukjes appel in een koekenpan. Als de broccoli gaar is, maak de soep dan fijn met een staafmixer.
Spatel de crème fraiche door het mengsel en laat de soep niet meer koken. Breng de soep op smaak met peterselie en indien gewenst zout en peper. Voeg tot slot de stukjes appel als garnering toe aan de soep. Meteen opdienen.

maandag 7 september 2009

Tonijn Nicoise

Twee gezinsleden houden niet van vis, de andere twee zijn er gek op. De niet-viseters winnen meestal; bij ons weinig vis op tafel. Maar óóit komt daar verandering in. En dan serveer ik deze geweldige Tonijn Nicoise. Kookdromen in optima forma.

Tonijn Nicoise

Ingrediënten:
  • 1 krop sla
  • 120 gr. nieuwe aardappels
  • 2 tomaten, in parten
  • 8 zwarte olijven
  • 150 gr. gekookte sperzieboon
  • 6 ansjovisfilets
  • 3 el. olijfolie, extra vergine
  • 2 el. ciderazijn
  • 1 teen geperste knoflook
  • 1 tl. mosterd
  • 2 hardgekookte eieren
  • 1 el. gemengde verse kruiden
  • citroensap
  • verse paprika, in reepjes
  • zeezout
  • zwarte gemalen peper

Bereiding:

Kook de aardappeltjes en snijd ze in plakjes. Pel de hardgekookte eieren en snijd ze ook in vieren. Hussel in een kom de sla, aardappelen, tomaten, zwarte olijven, sperziebonen en ansjovisfilets door elkaar.
Meng in een andere kom de olie, azijn, knoflook, mosterd en zout en peper en meng deze dressing vlak voor het serveren door de salade. Schep de salade op de borden en strooi er de verse tuinkruiden over.
Schroei de tonijnsteaks aan beide kanten dicht onder een hete grill of in een grillpan op een hoog vuur. Bestrooi ze met zout en peper en sprenkel er wat citroensap over. Leg de tonijnsteaks op de borden met salade en garneer ze met reepjes paprika.

donderdag 16 juli 2009

Oogsten uit de stad

Westlandse tomaten worden geëxporteerd naar alle uithoeken van de wereld, terwijl de tomaten in onze Haagse supermarkten uit Spanje gehaald worden. Garnalen uit de Noordzee worden eerst naar Polen gestuurd om te pellen, waarna ze weer in onze winkels terecht komen. De ingrediënten van een bord avondeten hebben vaak tienduizenden kilometers afgelegd.

In sommige gevallen kan het niet anders dat voedingsmiddelen een grote afstand afleggen, maar er gaat toch weinig boven een zelfgeplukte appel van eigen appelboom of verse kruiden uit de achtertuin. Plukken, verzamelen en misschien ook 'jagen' in je eigen omgeving roept een oerinstinct in je op, dat een geweldig tevreden gevoel geeft. Het appelleert aan de rijkdom van de Hof van Eden, maar dan in miniformaat. Misschien dat daarom tuincentra de laatste jaren weer volop groenten en kruiden te koop aanbieden om je eigen tuintje of balkon om te toveren tot een plek waar volop geoogst kan worden.

Nu is de beschikbare grond in de stad niet groot genoeg om alle stadsbewoners te voeden, maar met enige inventiviteit kom je wel een heel eind. Wat ideeën:
  • Iedere stad kent kale, ongebruikte terreinen, waar in de toekomst een nieuw gebouw zal verrijzen. Strooi op deze veldjes zaadjes voor veldbloemen. De bloemen van een klaproos, de verse jonge blaadjes van een madeliefje en de bloemknopjes van het madeliefje kun je verwrken in een salade. De bladeren van de paardenbloem zijn te gebruiken als groente, in sauzen en soepen. Het blad van Rode Klaver is rauw te verwerken in salades en gekookt als groente.
  • Ga groenten en vruchten oogsten in het buurtplantsoen, bijvoorbeeld rozebottels en vlierbessen.
  • Pluk bladeren van je tuinplanten en verwerk die in gerechten. Er is meer mogelijk dan je denkt. De bladeren van de druivenplant zijn bijvoorbeeld te gebruiken voor het maken van gevulde wijnbladeren . Het recept voor Turkse dolmades vind je hier.
Verder lezen:
Voedsel uit de stad
De recepten van Wildplukker

donderdag 9 juli 2009

Koken is goed voor creativiteit


Koken is goed voor het stimuleren van de creativiteit. Om meer redenen dan je denkt.
  • Al kokend combineer je allerlei ingrediënten, totdat er nieuwe smaakvolle combinaties ontstaan. Maar ook als je je eigen draai geeft aan bestaande recepten, ben je creatief bezig. Koken is bij uitstek een combinatie van uitproberen, proeven, toevoegen, aanlengen, roeren, aanpassen en vernieuwen.
  • Het hak- en snijwerk is een uitstekend middel om je hoofd leeg te maken. Dan borrelen er vanzelf nieuwe gedachten op. Ook de geur van verse kruiden en andere ingrediënten werkt meditatief.
  • Koken is eveneens goed om je zintuigen aan het werk te zetten. Wat proef ik nu precies? Wat vind ik nu eigenlijk? Koken is een zinnelijk proces, vindt acteur/regissseur Titus Muizelaar, vorig jaar in de rubriek over troosteten in NRC Handelsblad. "Een saus maken is als de repetitieperiode van een toneelstuk. Je begint met een grote pan bouillon, dan is het een kwestie van inkoken, alle overbodige poespas weglaten, concentreren. Proeven, iets meer wijn, net iets meer peper. En zo probeer je langzaam tot een kern te komen. Tot de kern van een gevoel."
  • Als je naast elkaar staat te snijden en te koken, raak je gemakkelijk met elkaar in gesprek, zonder dat je elkaar hoeft aan te kijken. Op deze manier kun je op een rustige manier met elkaar praten (als je niet iets op het vuur hebt staan dat de aandacht vergt, natuurlijk!), waardoor allerlei nieuwe gedachten en ideeën ontstaan.
  • Door het eten van gekke combinaties, voel je je gelukkiger en geïnspireerder. Dat zegt Rob Eastaway, schrijver van Creatief denken, 101 manieren om denkpatronen te doorbreken. Dus probeer gerust speklapjes met drop uit of bereid eens zuurkool met caramelsaus. Tip: inspiratie nodig voor spannende en toch smakelijke combinaties? Klik op de site van foodpairing.
  • Alles wat nieuw is, prikkelt het brein tot het maken van nieuwe verbindingen. En dat levert weer de afscheiding van stofjes in de hersenen op, die ons geluksgevoel verhogen. Nieuwe ervaringen verbreden bovendien onze blik op de wereld en stimuleren onze creativiteit. Vooral nieuwe kookexperimenten uitvoeren dus! Tip: neem een abonnement op biologische groenten. Met de raapsteeltjes, snijbonen en knolselderij in het wekelijkse pakket word je vanzelf uitgedaagd om creatief te zijn.
Verder lezen:

Share/Save/Bookmark

donderdag 11 juni 2009

Overvloed in de keuken

Juni is overvloed: rozen in de tuin, aardbeien, asperges en tomaten in de keuken. Samen met Niels struinde ik gisteren de slager, kaaswinkel, bloemenwinkel en supermarkt af.

Wat zullen we kiezen: watermeloen of galiameloen? Weet je wat, we doen allebei. Er stonden allerlei Italiaanse gerechten op ons programma, omdat die gerechten de ultieme zomerkeuken symboliseren. Met bruschetta, olijven, gemarineerde asperges en andere antipasti. Kalfsschnitzels afgeblust met marsala, gepofte aardappels en gevulde tomaten uit de oven.

Er meldden zich in de loop van de middag nóg vier gasten voor het zomerdiner van gisteravond. Samen met de kinderen wandelde ik weer terug naar de slager voor extra kalfsschnitzeltjes. De verkoopster snapte er niets van vroeg wat wij er allemaal mee van plan waren.

Het ultieme sluitstuk van het zomerdiner was een trifle met aardbeien, meringues en limoncello. Sneeuwwitte room met vlokken van aardbeien en frambozen. Hij smaakte geweldig. Van mij mag het altijd juni blijven.


Trifle met room, aardbeien en limoncello (8 personen)

Ingrediënten:

een halve liter slagroom
500 gram volle kwark (of Griekse yoghurt)
suiker naar smaak
750 gram aardbeien
150 gram frambozen
250 gram meringues (eiwitschuimpjes)
een scheut limoncello (Italiaanse citroenlikeur)
5 kleine cakes


Zo maak je het:

Klop de slagroom met suiker naar smaak. Meng hier de kwark doorheen. Maak de aardbeien schoon en snijd ze in stukjes. Doe hetzelfde met de frambozen. Leg op de bodem van een grote glazen schaal de cakes. Schenk hier een scheut limoncello overheen. Schep hierop de helft van het roomkwarkmengsel. Daarop komen de aardbeien. Kruimel hierover een laag meringues heen. Sluit af met de rest van het roomkwarkmengsel en de frambozen.

maandag 25 mei 2009

Lokaaleters

Word je blij van gerechten met louter lokale gerechten? Of is het juist wel erg beperkend?

Om darmkanker te voorkomen, mogen we niet meer dan 500 gram rood vlees per week eten. Twee keer per week dient er vis op tafel te komen voor de benodigde goede vetten (maar dan wel vissen die door Greenpeace en het Wereld Natuur Fonds goedgekeurd zijn). En we moeten voldoende kleurrijke groente en fruit naar binnen werken, bij voorkeur van biologische afkomst. Over suikers, onverzadigde vetten, ongewenste chemische toevoegingen hebben we dan nog niet eens gesproken. Pfffff, zo wordt de juiste menukeuze een heel puzzelwerk.

Wat de locavoren - in de VS recent uitgeroepen tot woord van het jaar - betreft, komt daar nog een eis bij: het voedsel moet uit de directe omgeving komen. Locavoren vormen in Amerika een beweging van bewuste consumenten, die alleen voedsel eten dat binnen een straal van 100 mijl van hun woning geteeld en geproduceerd is. Gemiddeld legt een voedingsmiddel 1500 mijl af voordat het op je bord belandt. Garnalen schijnen zelfs 4500 kilometer af te leggen tussen Nederland en Marokko en terug om gepeld te worden. Die transportgekte kost enorm veel vervuiling, uitstoot van broeikassen, etcetera. Door weer te eten wat er in je directe omgeving geteeld wordt, hopen ze daar wat aan te doen.

Het schijnen hele blije mensen te zijn, die locavoren. Ze genieten van het bezoeken van boerenmarkten, het zelf kweken van groenten en kruiden, de herontdekking van de seizoenen en het gezonde gevoel. In totaal zijn er wel dertien redenen om gelukkig te worden van een lokaal dieet!

Waarschijnlijk worden ze ook heel blij van bedenken van creatieve gerechten met louter lokale ingrediënten. Dat moet ook wel, want voor de fundi's onder de locavoren was het zeker in de begintijd behoorlijk doorbijten. De pioniers aten voornamelijk aardappelen. Binnen 100 mijl was geen graan te vinden, dus verschenen er ook geen brood, pastagerechten en cornflakes op hun menu. Koffie, thee, chocolade en veel specerijen konden zij helemaal op hun buik schrijven.

Hoeveel lol heb je nog in eten als je jezelf zoveel beperkingen oplegt? Het lijkt me dat het plezier in eten minstens zo belangrijk is voor je gezondheid!